Ik heb lang geprobeerd het goed te doen. Aanvoelen wat er van mij verwacht werd. Me aanpassen waar dat nodig leek. Hard werken. Doorgaan. Zorgen dat ik niemand teleurstelde.
Dat ging me eigenlijk best goed af. Zo goed zelfs, dat ik lange tijd niet doorhad hoeveel ik onderweg bij mezelf vandaan was geraakt. Ik kom uit een liefdevol gezin met een broer en vier zussen. Ik was een nakomertje. En hoewel er veel liefde was, voelde ik me als kind ook vaak alleen. Alsof ik mijn plek nog een beetje moest verdienen. Ergens is toen het idee ontstaan dat ik moest uitblinken om gezien te worden.
Dat aanpassen werd een gewoonte. Een manier om overeind te blijven. Goed kijken naar de mensen om me heen, voelen wat nodig was en doorgaan. Dat kun je lang volhouden. Aan de buitenkant kan het er zelfs behoorlijk succesvol uitzien. Je functioneert. Je regelt. Mensen kunnen op je rekenen. Ondertussen raak je steeds verder verwijderd van wat je zelf eigenlijk voelt. Van wat je nodig hebt. Van wat werkelijk bij je past.
Controle voelde veiliger
Ik heb in mijn jeugd misbruik meegemaakt. Dat heeft lang invloed gehad op de manier waarop ik mezelf beschermde en controle probeerde te houden. Ook miskramen en mijn scheiding brachten veel in beweging. Grip houden voelde vertrouwd. Vooruitdenken. Alles goed regelen. Geen losse eindjes laten ontstaan. Controle gaf me houvast. Het voelde veiliger. Tot ik merkte dat het me ook gevangen hield.
Mijn scheiding werd een belangrijk keerpunt. Ik moest mijn eigen leven opnieuw opbouwen en keuzes gaan maken die echt bij mij pasten. Keuzes vanuit mijn hart, terwijl mijn hoofd daar soms van alles van vond. Wat wil ík? Waar word ik blij van? Wat hoort bij mij? En durf ik dat ook serieus te nemen wanneer een ander het misschien niet begrijpt?
Dat ging met vallen en opstaan. Ik dacht lang dat persoonlijke ontwikkeling betekende dat ik bepaalde delen van mezelf moest oplossen of wegwerken. Alsof ik pas verder kon wanneer ik nergens meer last van had. Inmiddels kijk ik daar anders naar. Heel zijn betekent voor mij dat er niets is wat er niet mag zijn. Ook dat waar je niet trots op bent. Op de angst, de boosheid. Dat deel van mij dat zich steeds maar wil aanpassen. Dat controle probeert te houden omdat dat ooit de veiligste keuze was.
Ik hoef dat niet weg te duwen. Maar ik hoef het ook niet altijd te volgen. Alleen al erkennen dat het er is, geeft ruimte. Daarna kan ik opnieuw kiezen.
Fotografie bracht me dichter bij mezelf
Jarenlang werkte ik als eventmanager. Ik kon goed organiseren, vooruitdenken en overzicht houden. Aan de buitenkant klopte het allemaal. Fotografie was er ook al veel langer. Als tiener liep ik al rond met een camera. Later pakte ik die weer op en volgde ik een opleiding. Eerst was het iets naast mijn werk. Een plek waar mijn creativiteit weer ruimte kreeg.
Langzaam werd steeds duidelijker hoeveel fotografie voor mij betekende. Met de camera in mijn handen kwam ik dichter bij mezelf. Het ging niet meer alleen over iets wat ik leuk vond om te doen. Het werd een manier om te ontdekken wat werkelijk bij mij hoorde.
De stap om daar helemaal voor te kiezen kwam niet vanzelf. Mijn hoofd kon genoeg redenen bedenken om voorzichtig te blijven. Toch wist ik ergens: dit is wat ik te doen heb. Onderweg merkte ik ook dat mijn ontwikkeling als fotograaf en mijn persoonlijke ontwikkeling niet los van elkaar stonden. Wanneer ik verder wilde groeien in mijn werk, kwam ik mezelf tegen. Mijn angst. Mijn neiging om me kleiner te maken. Mijn behoefte aan controle. Het deel in mij dat liever nog even wachtte tot ik zeker wist dat het goed zou komen. Want hoe kan ik iemand uitnodigen om zich werkelijk te laten zien, wanneer ik zelf achter een veilige versie van mezelf blijf staan?
Ruimte om zelf te bepalen wat goed voelt
Wat ik heb meegemaakt, speelt niet tijdens iedere fotoshoot een zichtbare rol. Toch werkt het wel door in de manier waarop ik fotografeer. Ik weet hoe belangrijk het is dat er alle ruimte is voor jou. Dat je gezien wordt. Dat niets hoeft. Dat er geen haast is. Dat je mag voelen waar jouw grens ligt en wat voor jou klopt.
Ik heb inmiddels verschillende vrouwen in mijn studio ontvangen die ook misbruik hebben meegemaakt. Soms merkten zij dat het gemakkelijker werd om zich aan mij toe te vertrouwen, juist omdat ze wisten dat ik iets begreep van die kwetsbaarheid. Je hoeft mij niet je hele verhaal te vertellen. Je hoeft niets uit te leggen. Maar ik weet dat zichtbaar worden iets kan raken. Zeker wanneer je gewend bent om jezelf te beschermen of afstand te houden van je lijf. Daar ga ik altijd zorgvuldig mee om.
Je hoeft niets meer te bewijzen
Een ding is zeker: mijn fotografie gaat nooit alleen over een mooie foto. Natuurlijk let ik op het licht, de houding en de compositie. Natuurlijk help ik je wanneer je even niet weet waar je je handen moet laten. Maar het gaat mij vooral om wat bij jou past. Wie ben jij? Wat wil jij laten zien? Wat mag er meer ruimte krijgen?
Mijn eigen reis gaat ondertussen gewoon door. Er zijn nog steeds momenten waarop ik twijfel, me aan wil passen of de controle wil vasthouden. Alleen herken ik het nu sneller. Die delen van mij mogen er zijn, zonder dat ze automatisch mijn keuzes bepalen. Mijn plek innemen betekent niet dat ik overal vooraan hoef te staan. Het zit in luisteren naar wat ik zelf belangrijk vind. Mijn stem gebruiken. Niet terugstappen zodra iets spannend wordt. Mezelf niet langer verlaten om het voor een ander gemakkelijker te maken.
Dat is ook wat ik met mijn foto’s wil laten zien. Je hoeft geen andere versie van jezelf te worden voordat je jouw plek mag innemen. Je bent er al.
Dit artikel verscheen oorspronkelijk in het Aminda Magazine, een magazine over zelfbeeld en de manier waarop je naar jezelf kijkt. Het magazine is ook los te bestellen.
Reactie plaatsen
Reacties